
Blauwalgen of blauwwieren zijn eigenlijk bacteriën die eruit zien als wier. Als ze gaaf zijn hebben de meeste blauwalgen een blauwgroene kleur, enkele zijn roodbruin. Als ze afsterven produceren ze toxische stoffen die schadelijk kunnen zijn voor mensen en dieren.
Blauwalgen kunnen bij warm weer in het water ontstaan. Ze komen vooral voor in zoet, stilstaand water zoals vijvers en open zwemwater. Dat komt omdat er te veel voedingsstoffen (met name stikstof en fosfaat) in het water terechtkomen die door de algen worden opgenomen. Samen met gunstige (weers)omstandigheden (temperaturen tussen de 20 en 30 graden Celsius) kan dit leiden tot een massale groei.
Sommige soorten blauwalg zijn in staat om drijflagen te vormen. Drijflagen ontstaan meestal na lange periodes met warm weer. Een drijflaag kan zich door de wind ophopen aan de oevers van meren, op stranden, achter vooroevers en in jachthavens. Als de drijflaag dikker wordt en de algen minder ruimte hebben, gaan ze afsterven. Blauwalg vormt dan een blauwgroenachtige, stinkende brei. Bij het afsterven produceert blauwalg toxische stoffen, die schadelijk kunnen zijn voor mensen en dieren.
Blauwalgen kunnen het water troebel maken. Hierdoor komt er minder licht en zuurstof in het water en verdwijnen waterplanten, vissen en andere waterdieren. Daarnaast zorgt blauwalg voor onaantrekkelijk water: het water ziet er vies uit en veroorzaakt stankoverlast.
Van verschillende blauwalgen is bekend dat zij giftige stoffen (cyanotoxines) kunnen produceren. De toxines kunnen leiden tot sterfte van dieren. Er zijn verschillende toxines bekend, maar tot op heden zijn in Nederland alleen microcystines gevonden.
Zwemmers kunnen in aanraking komen met blauwalg/microcystine door het inslikken van water of doordat de huid of ogen in contact komt met water. Microcystine kan leiden tot:
De verschijnselen van blauwalgbesmetting worden zichtbaar twaalf uur nadat er gezwommen is. Vooral kleine kinderen en oudere mensen zijn gevoelig voor gezondheidsklachten. De verschijnselen houden ongeveer vijf dagen aan en verdwijnen vanzelf.
Het waterschap controleert de kwaliteit van zwemwater. Wanneer te hoge hoeveelheden blauwalgen worden aangetroffen:
Neem contact op met het waterschap voor meer informatie.